Nut en noodzaak van een regionaal voercentrum

rundvee

Een onderzoek naar de centrale inkoop van ruwvoer
 
Met het afschaffen van het melkquotum in 2015 gaat er wat veranderen binnen de sector rundveehouderij. Bedrijven zullen groter worden en rundveehouders zullen meer aangesproken worden op hun ondernemerschap. Dit zal onherroepelijk effect hebben op de ruwvoermarkt, -winning, -opslag en -voedering. Waar bedrijven nu nog bijvoorbeeld 80% ruwvoer van eigen land halen en 20% bijkopen, kan dat in voorkomende gevallen wel eens andersom worden. Los van het feit of de absolute behoefte aan ruwvoer stijgt, zal die van individuele bedrijven in ieder geval veranderen. Bovendien zal de beschikbare ruimte en arbeid op bedrijven anders verdeeld moeten worden. Is er ruimte voor opslag en is er arbeid beschikbaar voor het uitkuilen en voeren van de dieren?

Antwoord bieden
Een mogelijk antwoord op deze veranderingen is het realiseren van een voercentrum. In een voercentrum wordt ruwvoer op een centrale plaats ingekocht en opgeslagen. Vanaf dat centraal punt worden rantsoenen voor bedrijven bereid, en worden de dieren op de bedrijven door medewerkers van het voercentrum gevoerd.
HAS Kennistransfer voelt zich uitgedaagd om dit vraagstuk te onderzoeken en het antwoord aan te bieden in de markt. In eerste instantie een interne opdracht, maar in de loop van het traject heeft Boerenbond Deurne zich aangesloten. Het is dus een gezamenlijk project geworden.

Nut en mogelijkheid
Het doel van het project is om antwoord te geven op de vraag wat het nut en de haalbaarheid van een voercentrum in Zuid-Nederland is, en of dit een antwoord is op de verwachte problemen ten aanzien van de ruwvoermarkt in deze regio.

Arjan Hoppenbrouwers is de begeleider vanuit HAS Kennistransfer: ‘Het project is door de studente voortvarend opgepakt. Ze weet een prima samenwerking te managen tussen verkoopleider van Boerenbond Deurne, een HAS-stagiair die bij deze Boerenbond stage loopt en haarzelf. Na afronding  van het traject zijn wij in staat nut en mogelijkheid van een voercentrum in Zuid-Nederland aan te geven. Voor HAS Hogeschool is het belangrijk om inhoudelijk over dit thema mee te kunnen discussiëren. Boerenbond Deurne gaat met de adviezen uit het rapport proactief aan de slag.’