Op weg naar dier- en milieuvriendelijke ketens voor varkens-, kippen- en kalfsvlees

duurzame veehouderij ketens varkens

Hand-in-hand of haaks op elkaar?
De intensieve veehouderij ligt onder een vergrootglas. De maatschappij stelt steeds meer wensen en eisen aan welzijn en gezondheid van dieren. Tegelijkertijd worden er afspraken gemaakt om de bedrijfsvoering te verduurzamen, met als gevolg dat de veehouderijen zich in een spanningsveld bevinden: hoe om te gaan met de eisen van de tijd?

Aanleiding

De aftrap werd gegeven in juni 2008, toen de veehouderijsectoren – als onderdeel van de Agro&Food-sector – het convenant Schoon en Zuinig ondertekenden. In dat convenant werden ambitieuze doelen gesteld voor 2020 op het gebied van klimaatbeleid:

  •  Een 30%  lagere uitstoot van broeikasgassen in 2020, ten opzichte van 1990;
  •  Het tempo van energiebesparing de komende jaren verdubbelen van 1% nu naar 2% per jaar;
  •  Het aandeel duurzame energie in 2020 verhogen van ongeveer 2% nu naar 20% van het totale energiegebruik.

Om deze doelen te bereiken, zijn in het Werkplan 2011-2013 de volgende accenten gelegd:

  •  Een energieneutrale stal;
  •  Duurzaam omgaan met reststroom (onder andere mest);
  •  Kennisuitwisseling en -verspreiding;
  •  Internationale samenwerking.

Nieuwe eisen
Tegelijkertijd staat dierenwelzijn in de spotlights. De commissie-Doorn heeft de supermarkten een regierol toebedeeld om te komen tot een duurzame productie van vlees: ‘Al het vlees duurzaam in 2020.’ Supermarkten zijn daarom eisen gaan vastleggen in inkoopspecificaties, ofwel leveringsvoorwaarden. Naar alle verwachting zullen A-merken, cateraars en horecabedrijven volgen.  Ten aanzien van dierenwelzijn lijkt het erop dat de inkoopspecificaties gelijk zullen zijn of licht afwijken van het Beter Leven Kenmerk (BLK) 1 ster van de Dierenbescherming.

Spanningen
In het jaarwerkplan Schone en Zuinige agrosectoren 2011-2012 van de sector Intensieve Veehouderij, wordt terecht opgemerkt dat hogere eisen op het gebied van dierenwelzijn en gezondheid risico’s met zich meebrengen: het kan leiden tot spanningen voor de (intensieve) veehouder bij het realiseren van de gestelde doelen op broeikasgasemissies, duurzame energie en energiebesparing. Meer leefruimte leidt bijvoorbeeld al snel tot meer milieuschade en dus een minder duurzame organisatie.

Van inzicht naar maatregelen
HAS Hogeschool erkent dat er spanning is tussen hogere eisen op het gebied van diergezondheid en dierenwelzijn en de mogelijke (negatieve) milieueffecten die deze hogere eisen met zich meebrengen. Meer kwantitatief inzicht in dit spanningsveld kan leiden tot concrete maatregelen in de bedrijfsvoering en bedrijfsontwikkeling, waarbij impact op dier en milieu in balans zijn. In opdracht van AgentschapNL is dan ook onderzocht hoe de welbekende 3 P’s – profit, planet en people – in balans kunnen worden gebracht.

Onderzoeksopzet
In het onderzoek staat de volgende vraag centraal: ‘Wat zijn de effecten van het opnemen van hogere eisen voor dierenwelzijn en diergezondheid op de broeikasgasemissies, mogelijkheden voor energiebesparing en het gebruik van duurzame energie?’

Het project stelt zich tot doel:

  • Het in kaart brengen van de effecten van hogere eisen voor dierenwelzijn en diergezondheid op de broeikasgasemissies, mogelijkheden voor energiebesparing en het gebruik van duurzame energie in de ketens voor varkens-, pluimvee- en kalfsvlees;
  • Deze effecten te kwantificeren middels een veldstudie op varkens- pluimvee- en kalverbedrijven die nu al deelnemen in diervriendelijke vleesketens (o.a. Beter Leven Kenmerk 1 ster);
  • Concrete maatregelen te definiëren in de bedrijfsvoering en bedrijfsontwikkeling voor het beter in balans brengen van ‘dier en milieu’ in de diervriendelijke vleesketen;
  • De resultaten te communiceren naar het beroepenveld (van primaire keten tot retailer). HAS Hogeschool verwerkt daarnaast relevante onderzoeksresultaten in het bestaande onderwijs van de Hogeschool en wisselt de opgedane kennis uit met andere agrarisch hoge- en middelbare scholen.

‘Gedegen uitgevoerd’
In 2014 wordt het onderzoek afgerond. Tot op heden loopt de samenwerking ‘zeer goed’, aldus René Wismeijer van AgentschapNL. ‘Onze contactpersoon is Diana de Rooij. Zij houdt ons uitstekend op de hoogte, reageert adequaat op vragen van ons. Het project wordt zeer gedegen uitgevoerd, met een strakke planning en voldoende bespreekmomenten met ons als opdrachtgever en de andere leden van de begeleidingsgroep. Ik ben onder de indruk van de kwaliteit van het werk dat de studenten tot nu toe geleverd hebben en hun gedrevenheid.’

Cursus
Parallel aan het onderzoek is – in samenwerking met de Limburgse Land- en Tuinbouwbond – de Ondernemersklas voor intensieve veehouderij opgericht: een cursus voor grondgebonden veehouderij waarin gezocht wordt naar de juiste balans tussen duurzaam produceren, maatschappelijke waardering en een gezond verdienmodel.